Herendispuut Dagobert - 1994

Home arrow Breda
De Parel van het Zuiden E-mail

Breda is een heerlijke stad. Een Bourgondische stad met een prachtig stadshart dat op veel mensen grote aantrekkingskracht uitoefent. Breda profileert zichzelf als 'stad met karakter'. Met het woord karakter wil Breda tot uitdrukking brengen wat de stad bijzonder maakt. Haar identiteit. Haar uitstraling. Haar schoonheid. Een stad met karakter stelt hoge eisen aan zichzelf. Is ambitieus. En beschikt over hoge kwaliteiten. Wat opgaat voor mensen met karakter, geldt evenzeer voor deze stad. Breda heeft dus ook onvolkomenheden, maar de algehele indruk die de stad maakt, is ronduit sympatiek...

Inleiding
De naam Breda staat voor het eerst vermeld in een oorkonde uit het jaar 1125. ‘Villa Breda’ is een nederzetting van boeren, dichtbij de plaats waar de rivieren de Mark en de Aa samenstromen. De rivier heet vanaf die plaats de ‘Brede Aa’ hetgeen tot ‘Breda’ leidt. Breda ligt op een strategische plaats, mede dankzij het feit dat drie landwegen elkaar juist daar kruisen. Drie aan deze wegen gebouwde poorten zijn: de Ginnekenpoort, de Gasthuispoort en Tolbrugpoort. Breda krijgt in 1252 stadsrechten en mag dan ondermeer een week- en jaarmarkt houden. Vanaf 1321 ontwikkelt Breda zich als een Markt- en stapelplaats voor de regio, de zogenaamde Baronie van Breda.

In 1350 ‘koopt’ de Hollandse edelman Jan van Polanen de stad. De Van Polanens vervullen een belangrijke rol in de Bourgondische politiek. Breda groeit naar een stad van nationaal belang. Met de komst van de Nassaus wordt die ontwikkeling doorgezet. Met het toenemen van de status krijgt ook de huisvesting aandacht. Onder bestuur van de Nassaus wordt het kasteel verbouwt in renaissancestijl.

Vele hoffunctionarissen vestigen zich in de stad en het ene na het andere hofhuis verrijst. De stad trekt tijdens de bloeiperiode veel ambachtslieden zoals goudsmeden en beeldhouwers aan. Van de bouwwerken uit deze periode is niet veel terug te vinden. Eén initiatief echter heeft het stadsbeeld tot de dag van vandaag bepaald: de Grote Kerk.

Met het aanbreken van de Tachtigjarige oorlog komt een einde aan de ontwikkeling van deze florerende stad. Met Willem van Oranje verdwijnt ook de hofhouding uit Breda. Na afloop van de oorlog weet Breda haar positie niet meet te herwinnen. De betekenis van de handel was lange tijd niet meer dan van lokaal belang. Halverwege de negentiende eeuw gaat het pas weer voorwaarts met de Bredaasche industrie. Bedrijven als de Machinefabriek Breda, de Kwatta en de Etna vestigen zich hier. Uiteindelijk zal Breda tot het centrum van West-Brabant uitgroeien.

Het Stadswapen van Breda
Het wapen van de stad Breda is al zeer oud. In de Middeleeuwen kreeg de stad een wapen met de zogenaamde Sint Andrieskruisen en de afbeelding van een burcht, die allebei verwijzen naar de Heren van Breda, de latere Nassau's.

De Andrieskruisen zijn een verwijzing naar hun functie als rechter en daarmee de garantie voor rechtszekerheid. De burcht is een symbool van de macht of stedelijke weerbaarheid van de Heren van Breda. De engel, die het schild steunt, houdt mogelijk verband met de hemelse bescherming van de stad. De herkomst van de leeuwen als schildhouders is waarschijnlijk ontleend aan het wapen van de Hertog van Brabant, van wie de Heren van Breda hun rechten in leen hielden.

In 1990 heeft de gemeenteraad de wapenomschrijving vastgesteld op basis van een nog bestaande tekening uit 1817. Het Koninklijk Besluit van 25 november 1991, dat hierop volgde, geeft de volgende heraldieke omschrijving: "In keel drie schuinkruisjes van zilver. Het schild van achter gehouden door een engel van natuurlijke kleur en van terzijde door twee leeuwen van goud, getongd en genageld van keel; het geheel rustend op een geopende stenen burcht van keel, met voegen van zilver en daken en torenhelmen van azuur."

Ontwikkeling van Breda
In de 16e eeuw worden de verdedigingswerken bij de haven versterkt met twee zware vijfhoekige torens, verbonden door een tussenmuur. Een eeuw later wordt in deze muur een waterpoort naar de binnengracht aangelegd. En ontstaat -wat nu heet- het Spanjaardsgat. In de strijd tussen de Noordelijke Nederlanden en de Spanjaarden is Breda maar liefst zes keer van bezetter gewisseld. Eénmaal door de list van de turfschipper. Die de belegeraars onder zijn lading tot achter de vijandelijke linie wist te smokkelen. Dit alles zou bij het Spanjaardsgat hebben plaatsgevonden...

In de tweede helft van de 19e eeuw begint voor Breda een bloeiperiode van handel en nijverheid. De aansluiting op het spoor ontsluit Breda voor nieuwe industrieën: Kwatta. Etna. Hero. In de stad worden tramnetten aangelegd voor de aanvoer van goederen. Paardetrams. En stoomtrams. U hoort ze naderen. Het gesis van ontsnappend stoom. Het gestamp van de zuigers. U ruikt brandende kolen. Een tram raast voorbij...

In 1942 worden Ginneken en Princenhage geannexeerd. En ook na de Tweede Wereldoorlog blijft de stad zich uitbreiden. In de jaren '60 verrijzen complete wijken: Heusdenhout, De Hoge Vucht en IJpelaar. En 10 jaar later start de bouw in de Haagse Beemden. Inmiddels Breda's grootste wijk.
In het zuidoosten van de stad komt de komende jaren de nieuwbouwwijk Nieuw Wolfslaar van de grond; ook in het noordoosten (tot aan Teteringen) is woningbouw gepland.

Monumenten
Breda verwerft stadsrechten in 1252. Is daarmee één van de eerste stadjes van noordelijk Brabant. Om het plaatsje goed te kunnen verdedigen, wordt het aan het begin van de 14e eeuw ommuurd. Rondom de stad liggen de singels. Op strategische punten staan houten wachttorentjes. Onder invloed van de Hollandse Edelman Jan van Polanen ontstaat een klein Middeleeuws stadje. Ziet u het voor u? Houten huizen. Herbergen. Druk bevolkt. Nauwe straatjes en deels onbestrate paden. Zonder riolering. U hoort het slaan der koperslagers. De ketellappers. De schoenmakers. U wandelt langs lakenwevers, mandenmakers en andere ambachtslieden.

En op dinsdagochtend (precies zoals nu) bezoekt u de weekmarkt. Die is er sinds 1321 tot op de dag van vandaag.

Of u nu in de Middeleeuwen leeft of in de 90-er jaren van de 20e eeuw... er is één monument waaraan u als naderende reiziger Breda al van verre herkent.

De toren van de Grote of Onze Lieve Vrouwe Kerk. Overigens ook dominant in beeld vanaf vrijwel elk punt in Breda. In totaal is er 125 jaar aan gewerkt. Het bouwwerk is rijk bewerkt aan de buitenzijde en heeft, zelfs na de beeldenstorm van 1566, een indrukwekkend interieur.

Bron: Gemeente Breda

 
logobenbarton.jpg

Herendispuut Dagobert - 1994